Home » Klachtenbeelden » Knieklachten

Knieklachten

De knie bestaat uit een soort half wiel aan het uiteinde van het bovenbeen dat op een plateau van het onderbeen rolt. Aan de voorzijde van de knie zit de knieschijf. Dat is een stuk bot dat opgenomen is in de sterke bovenbeenspier. De knieschijf glijdt tijdens het buigen en strekken van de knie door een soort groeve.
Knieklachten zijn er ‘in verschillende soorten en maten’. Vooral jonge mensen tijdens en na de pubertijd hebben vaak last van pijn aan de voorzijde van de knie, de zogenaamde patellofemorale klachten. De patella is een andere naam voor knieschijf. De klachten worden veroorzaakt doordat de knieschijf niet precies goed in zijn groeve glijdt. Dat kan opgelost worden door de knie en de knieschijf bij te sturen met manuele therapie en het losmaken van de spieren ne bindweefsel van de spieren rondom het been en het bekken met fascietherapie. Aangevuld met oefeningen wordt het geheel weer stabiel en sterk waardoor de klachten niet meer terug hoeven te komen.
Soms ontstaat de pijn aan de voorkant van de knie door een irritatie aan de pees die tussen de knieschijf en het onderbeen loopt. Dit wordt een springersknie of jumpers knee genoemd. De behandeling bestaat uit het tijdelijk verminderen van de belasting en het trainen van de pees en de spieren van het bovenbeen.

Een andere knieklacht aan de voorzijde van de knie heet Osgood Schlatter. Deze aandoening komt komt vooral voor bij kinderen die in de groei zijn en veel aan sport doen, in de leeftijd tussen 8 en 16 jaar.

Kniepijn die gevoelt wordt aan de buitenkant van de knie kan het gevolg zijn van irritatie van de peesplaat aan de buitenzijde van het bovenbeen. Deze klachten komen veel voor bij hardlopers en wordt daarom ook runners knee genoemd.

Knieklachten die zich vooral aan de achterkant manifesteren kunnen te maken hebben met een Bakerse cyste. Dat is een zwelling in de knieholte die daar meestal duidelijk zichtbaar is. Het ontstaat doordat een slijmbeurs aan de binnenzijde van de knie een verbinding vormt met het kapsel (omhulsel) van de knie. Wanneer de knie geïrriteerd raakt vult het kapsel zich met vocht en stroomt dat naar de slijmbeurs via deze verbinding en er ontstaat een bolling in de knieholte. De fysiotherapeut kan deze zwelling niet direct wegnemen maar kan er wel voor zorgen dat de irritatie en daarmee de vochtophoping minder wordt. De orthopeed kan het vocht afzuigen met een holle naald maar de kans is groot dat de zwelling dan weer terugkomt omdat de oorzaak nog niet is weggenomen. Samenwerking tussen orthopeed en fysiotherapeut kan dan tot langdurigere verbetering leiden.

Andere knieklachten die de fysiotherapeut regelmatig behandelt zijn meniscusklachten en problemen met de kruisbanden.

Net als artrose van de heup komt artrose van de knie ook regelmatig voor. Artrose wordt in de volksmond wel ‘gewrichtsslijtage’ genoemd. Slijtage klinkt als pure afslijting door veel gebruik maar daar gaat de vergelijking eigenlijk een beetje mank. Door veel gebruik (maar niet misbruik) slijt een gewricht niet echt, het blijft er juist gezond bij. De fysiotherapeut kan u helpen om beperkingen te verminderen met behulp van training.